Fors minder baby’s op de IC’s dankzij prik tegen RS-virus

AJN Jeugdartsen

Sinds de invoering van de RS-prik in september 2025 via het Rijksvaccinatieprogramma zijn er minder ernstige RS-infecties bij baby’s. In de periode van 29 september 2025 tot en met 1 februari 2026 werden 43 baby’s opgenomen op de kinder-IC met een RS-infectie, tegenover 178 in dezelfde periode een jaar eerder. Dat is een daling van circa 75%. Volgens het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) is een groot deel van deze afname toe te schrijven aan de invoering van de prik.

Het RS-virus veroorzaakt vooral in de herfst en winter luchtweginfecties. Voor jonge baby’s kan het virus ernstig verlopen, met benauwdheid of een longontsteking tot gevolg.

De RS-prik is een immunisatie: baby’s krijgen kant-en-klare antistoffen en zijn daardoor vrijwel direct beschermd gedurende ongeveer zes maanden. De prik wordt toegediend door de jeugdgezondheidszorg. Baby’s geboren in het RS-seizoen krijgen de prik kort na de geboorte; andere baby’s ontvangen deze voorafgaand aan het seizoen.

Er zijn weinig bijwerkingen gemeld. Soms treden roodheid of zwelling op de prikplek of koorts op. Dit komt overeen met de meldingen bij Bijwerkingencentrum Lareb.

Met deze aanpak dragen jeugdartsen en JGZ-professionals bij aan een veilige start voor baby’s en minder druk op de zorg.

Lees meer op de website van het RIVM.