Naar gehechtheid wordt nog vaak gekeken als het ontstaan van de ouder-kindrelatie in de eerste levensfase. Maar hoe werken vroege gehechtheidservaringen door in verbinding, vertrouwen en emotionele veiligheid binnen andere relaties gedurende het (verdere) leven? En wat gebeurt er wanneer de hechtingsrelatie onder druk staat door een moeilijke start, stress, ziekte, psychische kwetsbaarheid, neurodiversiteit, scheiding of uithuisplaatsing?
Tijdens dit symposium verkennen we hoe gehechtheid zich gedurende de kinder- en adolescentiefase blijft ontwikkelen binnen het gezin én daarbuiten. Naast de rol van de ouders kijken we ook naar de invloed van andere belangrijke relaties, met bijvoorbeeld leeftijdsgenoten, leerkrachten, grootouders en hulpverleners. Centraal staat dat gehechtheid geen vaststaand gegeven is: (gehechtheids)relaties en emotionele veiligheid blijven zich ontwikkelen en kunnen veranderen, herstellen en groeien. We bekijken gehechtheid vanuit meerdere perspectieven: vanuit het kind, vanuit de ouder en vanuit de wisselwerking tussen hen.
Aan de hand van herkenbare praktijkvoorbeelden en recente inzichten krijgt u handvatten voor situaties waarin een veilige gehechtheid niet vanzelfsprekend is. Bijvoorbeeld als er sprake is van ingrijpende medische zorg vroeg in het leven, een ontwikkelingsstoornis, een complexe scheiding of (tijdelijk of langdurig) opgroeien in pleegzorg. En wat als ouders zelf prikkels, communicatie of emoties anders verwerken? De sprekers verbinden actuele wetenschappelijke inzichten met herkenbare casuïstiek, waarbij de nadruk niet alleen ligt op signaleren en begrijpen, maar zeker ook op sensitief handelen binnen complexe gezinssystemen.
Deze dag biedt verdieping voor professionals die beter willen begrijpen hoe emotionele veiligheid ontstaat, onder druk komt te staan en opnieuw kan worden opgebouwd.