Home > Nieuws > Nieuws vak > Te veel kinderen nog te lang uit huis geplaatst

In de eerste zes maanden van 2019 kregen 366 duizend jongeren tot 23 jaar jeugdzorg. Dat is bijna 1 op de 12 jongeren. Het aantal jongeren met jeugdzorg neemt al jaren toe, evenals de duur van de verleende zorg. Dit blijkt uit voorlopige cijfers van het CBS.

Het aantal jongeren dat jeugdzorg krijgt, stijgt vanaf 2015. In de eerste helft van dat jaar kregen 319 duizend jongeren tot 23 jaar jeugdzorg. In de eerste helft van 2018 waren het er bijna 361 duizend. Inmiddels zijn het er 366 duizend (eerste halfjaar 2019). Dit laatste cijfer is voorlopig. In voorgaande jaren waren de definitieve cijfers telkens 5 à 6 procent hoger dan de voorlopige resultaten.

Vooral jeugdhulp aan jongeren tot 18 jaar

Jeugdzorg, het geheel van jeugdhulpjeugdbescherming, en jeugdreclassering, is bedoeld voor jongeren tot 18 jaar en kan verlengd worden tot 23 jaar. Bijna 14 duizend jongeren met jeugdzorg waren 18 jaar of ouder.
De verantwoordelijkheid voor jeugdzorg ligt bij de gemeente. Wanneer de gemeente de zorg direct aan de zorgverlener vergoedt, is sprake van zorg in natura. Het is ook mogelijk dat de jeugdhulp wordt ingekocht met een persoonsgebonden budget (pgb). In de eerste helft van 2019 maakten ruim 16 duizend jongeren gebruik van een pgb voor jeugdhulp, 10 duizend van hen ontvingen tevens jeugdhulp in natura.
Nederland telde op 1 januari 2019 bijna 3,4 miljoen jongeren van 0 tot 18 jaar. Van hen ontvingen 336 duizend jongeren jeugdhulp in natura. Ruim 36 duizend jongeren kregen jeugdbescherming en 7 duizend jongeren kregen jeugdreclassering, 30 duizend jongeren hadden naast jeugdhulp ook jeugdbescherming en/of jeugdreclassering.

Regionale verschillen

Tussen gemeenten bestaan grote verschillen in jeugdhulpgebruik. In gemeenten in het noordoosten van Nederland en het midden van Limburg kreeg meer dan 13 procent van de jongeren tot 18 jaar jeugdhulp. In deze regio’s was ook het aandeel jongeren met jeugdbescherming relatief hoog. Het CBS heeft geen zicht op de mogelijke oorzaken van de regionale verschillen in jeugdzorggebruik. Sociale en economische omstandigheden kunnen hieraan ten grondslag liggen, maar ook beleidskeuzen die gemeenten gemaakt hebben bij de inrichting van de jeugdzorg.

Bron: CBS