Home > Opinie > Blog > Kwispelen – Elwyze Frijns

Nog voordat ik goed en wel binnen ben, beginnen de kinderen enthousiast te vertellen: ze hebben een nieuw vriendje in huis, een jonge pup. Het plezier straalt ervan af, ze gaan er bijna zelf van kwispelen!

Het contrast is groot met hoe ze even later op hun stoel zitten. Het is een opmerkelijk tafereel: de twee heertjes kaarsrecht op de luxe stoelen in de kamer, de ouders aan de andere kant op plastic keukenstoelen. Naast elkaar en toch ver van elkaar af –  precies zoals ze ook in hun ouderschap staan.

De juf
Als een olifant zit het in de kamer. Maar ik mag er niet zomaar bij. Hardop vraag ik me af of het voor de kinderen fijn is om in de kamer te zijn. Ouders besluiten het zo te laten. De twee blijven muisstil, oren gespitst. Ik begin waar ik een doorgang zie voor iedereen: de school van de oudste. Hier kwam immers de vraag vandaan; de juf maakt zich zorgen … en was zo moedig geweest deze zorgen naar ouders te uiten. Waarna een openhartig gesprek met vader volgde. Echter, vandaag blijkt de weg niet vrij, enkel zijwegen zijn begaanbaar.
We komen uit op de financiën, een probleem omdat de kinderen niet naar zwemles kunnen. Het vormt een stagnerend fragment in de ingewikkelde situatie. Ouders zitten vast. Langzaam komt de olifant in beweging: de financiën geven spanningen. Spanningen met uitwerking op het hele gezin. En zonder bliksemafleider in de vorm van onderlinge interactie. Integendeel, deze levert alleen maar extra vonken op.

Het is alsof de kinderen de beweging hebben gevoeld. Hun roerloze houding maakt plaats voor activiteit. De hond komt erbij en mengt zich in het tafereel. De volumeknop gaat omhoog, de boel komt tot leven. Totdat het vader teveel van het goede wordt, zo kan hij geen gesprek voeren: ‘Nu ophouden, ga maar naar je kamer!’

Hele kluif
Met de staart tussen de benen loopt het jongetje weg. Het gesprek beweegt mee. Ja, vader zou wel willen dat hij de kinderen meer complimenten kon geven. Zeker de oudste. Maar dat is niet gemakkelijk als hij altijd zo druk is. Daar kan vader niet tegen, het lontje is te kort. Al begrijpt hij het maar al te goed. Ouders vermoeden dat hun zoon – net als vader – ADHD heeft. Op mijn beurt vermoed ik dat de impact die dat gaat hebben, voor een belangrijk deel bespaard kan blijven als we erin slagen de situatie en interactie te verbeteren. Geruisloos schuift het patroon nu door naar de volgende generatie. In de verstarde houding van de kinderen zie ik de beklemming van ouders weerspiegeld. Diep van binnen willen ze wel, maar ouders hebben zelf nooit de gelegenheid gehad te leren hoe.

Het is duidelijk dat het een hele kluif zal worden. Toch is er iets los gekomen. Sterker nog: de ouders hebben zelf een eerste aanzet gegeven, met het verwelkomen van een hond. Die geeft de kinderen letterlijk de gelegenheid om uit te hijgen en te kwispelen. En hij draagt zijn steentje bij aan het onderhoud van hun levenslust. Een belangrijk goed dat deze kinderen meer dierbaar zal zijn dan ouders misschien ook konden bedenken.

Elwyze Frijns, jeugdarts

Elwyze blogt over het waarom van de jeugdarts.
De jeugdarts kent je verhaal, helpt en ondersteunt. Nu voor het leven!