Home > Opinie > Blog > De enige echte … jeugdarts! – Henrike ter Horst

Een willekeurig consult tijdens mijn spreekuur. Ik vraag een peuter even bij mama te gaan zitten. De peuter is net lekker aan het spelen en denkt: ammehoela! “Kom”, zegt de moeder, “de mevrouw gaat even naar je kijken……”. Vaak ben ik ‘de mevrouw’, een enkele keer ‘de zuster’ en soms: ‘de tante’, maar zelden ‘de dokter’… Ik vraag me weleens af of onze vrouwelijke collegae huisartsen en kinderartsen dit ook vaak meemaken. Maar hoe komt dat eigenlijk, dat ik ‘de mevrouw’ wordt genoemd?

Blijkbaar komt mijn uitleg bij het eerste consult over wie en wat ik ben en doe niet helemaal over. Daar kan ik iets aan doen: ik kan een foto ophangen van mij en mijn collega’s met onze functies erbij. Of ik kan een naambordje op mijn bureau zetten: Henrike ter Horst, jeugdarts. Met andere woorden, ik kan mezelf profileren.

Nee, nee en ja!
Dat profileren, is dat geen overdreven gedoe, borstklopperij en echt wel zo nodig denkt u misschien? Mijn volmondige antwoord is: nee, nee en ja! Op allerlei verschillende bijeenkomsten hoor ik nog allerlei termen voor ons vak: consultatiebureauarts, JGZ-arts, schoolarts, GGD-arts, arts jeugdgezondheidszorg. Iedereen heeft zijn eigen benaming voor ons. Steevast gaat mijn vinger dan omhoog en dan zeg ik dat wij jeugdartsen zijn, dat alle andere termen verouderd zijn. Sommigen zullen inmiddels een beetje moe worden van mijn vinger, maar ik blijf het toch herhalen! Waarom eigenlijk, waarom is het zo belangrijk om de juiste titel te gebruiken?

Zichtbaar en vindbaar
Wij jeugdartsen, zijn vaak niet zichtbaar genoeg. Vraag de eerste de beste die je tegenkomt wat een jeugdarts doet en ze weten het niet. Vraag het collega’s of een gemeenteambtenaar en ze weten niet wat de jeugdarts in huis heeft. Huisartsen klagen dat de jeugdarts niet in beeld is, niet vindbaar en bereikbaar is. Dit komt de zorg voor de jeugd niet ten goede, we maken niet optimaal gebruik van elkaars expertise om de jeugd gezond te houden. De huisartsen hebben zeker een punt: als we zelf niet laten zien wie we zijn, waar we zijn en wat we doen gaat dit niet veranderen! Deze verandering begint bij het serieus nemen van onze eigen titel!

Zelf beginnen
DUS… Laten we beginnen bij onszelf: ik kom nog steeds collega’s tegen die zichzelf geen jeugdarts noemen. “De school heeft liever dat ik gewoon schoolarts heet, dat is duidelijker”. Even een vraag: wie weet nog wat een Raider is? Na diep graven kom je er op dat het de vroegere naam van Twix was. De jongeren weten niet beter of het ding heette altijd al Twix. Kortom: als wij zélf steevast en zonder uitzondering onszelf voorstellen als jeugdarts dan zijn alle andere termen binnen no-time vergeten! Ooit een huisarts horen praten over zijn vak in termen van ‘de huisartsenpraktijk’? Nee, zij praten over huisartsen en huisartsgeneeskunde, net zoals kinderartsen praten over kinderartsen en kindergeneeskunde. Waarom praten wij niet over jeugdartsen en jeugdgeneeskunde?
Als we dit gaan doen dan zullen ook onze ketenpartners en onze eigen JGZ-organisaties vanzelf volgen en alleen nog maar de titel jeugdarts gebruiken en hoeven we bij hen ook geen vingers meer op te steken.

Oproep
Als we willen laten zien wat de jeugdarts betekent voor het gezond houden van de jeugd, dan zullen we bij onszelf moeten beginnen. Mijn oproep aan al mijn collega’s is daarom: wees trots op je vak, draag dat uit en gebruik de enige juiste titel die ervoor is: JEUGDARTS!

Henrike ter Horst
Jeugdarts